Zaterdag 1 oktober 2011
Lekker ontbeten met een croissantje; daarna weer naar het strand. We worden al wat bruiner.
De foto’skomen later, eerst de laptop opladen.
Zondag 2 oktober 2011
Voor de verandering lekker naar het strand; het weer blijft uitstekend. Er wordt nog veel ge kite-surft, leuk gezicht. Extra
druk vanwege de locals.
Heerlijk op het strand liggen bakken; een stuk rustiger dan in het weekeinde. We hebben dus alle ruimte voor onszelf. De temperatuur overdag is nog heerlijk warm. Je merkt wel dat de kracht van de zon eerder op de dag afneemt. Het wordt om 5 uur al tijd om in te pakken.
Dinsdag 4 oktober 2011
Na een lekker ontbijtje, reden we omstreeks 12 uur naar het westen van de Franse zuidkust. In de buurt van Montpellier besloten we te overnachten. We hadden een mooi plekje aan de boulevard langs de duinen aan het strand gevonden, het strand hier was ca. 8 km lang. Het was er erg druk met strandgasten en joggers en hier en daar stond ook een camper, dus zaten we goed. Lekker macaroni gegeten en op een gegeven moment stopte er een auto vlak achter ons en er stapte een man uit die vlak bij de bus ging staan met een vragende blik. Ik had al zo’n vermoeden en legde de man uit dat we met vakantie waren en dat hij voor een prostituee niet hier moest zijn. Hij begreep de boodschap en vetrok op weg naar een andere camper. Cynthia had natuurlijk geen trek meer in deze plaats en we zijn toen maar een eindje verderop gereden naar de parkeerplaats van de LIDL in La Grande Motte. Bleek achteraf ook om een andere reden een goed idee, want we waren daar bij het strand al weer aardig te pakken genomen door de vele muggen. In het dorpje hadden we daar gelukkig ook geen last meer van. Motte is een nieuwbouw dorp aan de kust met veel architectonisch gedurfde, ultra moderne woningen en een behoorlijke jachthaven. Omdat het seizoen al voorbij was, waren er nog maar een paar winkels open en er sliepen wat ‘bums’ op straat.
Woensdag 5 oktober 2011
Na een goede nachtrust, vetrokken we weer en stopten ditmaal bij Narbonne plage, aan de voet van de Pyreneen. Cynthia had over een camperplaats daar gelezen en we stonden er inderdaad heel mooi, en vlak aan het strand. Het was er nog behoorlijk druk met campers uit allerlei landen. Narbonne plage heeft een prachtig, lang- en heel breed strand. Het was er praktisch uitgestorven. De temperatuur was nog altijd goed, zo’n 29 graden, geen wolkje aan de lucht en ook het water daar was lekker warm. Het waaide wel flink overigens, dus er stoof aardig wat zand over ons heen. Ondanks het feit dat we met de bus vlak bij het strand zaten (we hoefden alleen een klein duintje van 20 meter over te steken), zaten er erg veel vliegen.
Jammer eigenlijk, want we zijn het grootste gedeelte van de tijd op de plaats bezig geweest met de meppers om die krengen buiten te houden. We verloren de strijd
natuurlijk maar tegen de tijd dat we gingen slapen, waren de meeste vliegen uit de bus horizontaal- en een stuk minder levend naar buiten gewerkt. Toch lekker geslapen. Water ingenomen maar dat bleek weliswaar drinkbaar, maar zwaar gechloord. Dus zo snel mogelijk daarna weer nieuw water getankt.
Donderdag 6 oktober 2011
We hebben nu zowat de hele Franse zuidkust afgereden, vanaf Italie tot Narbonne. Leuk zo, over de secundaire weg langs de kust. Veel flamingo’s en paarden gezien, heel veel plezierjachten op zee en allerlei jachthavens en op een enkele plaats ook nog een vissershaven. En overal wijnboeren en chateaux natuurlijk. Vanaf het Rhonedal tot de Muscatdruiven in het zuiden. Wat ook wel opvalt is het grote aantal immigranten die in dit land leven. Er zwerven altijd wel, nogal onguur uitziende lieden op straat met een fles drank en verder zonder een dak boven hun hoofd. De bus houdt zich goed en rijdt als een geoliede machiene, het enige is dat hij wat olie verbruikt, ongeveer een liter per 1000 km. Dat mag natuurlijk maar dat had ik met de vorige motor niet. We raken al aardig ingespeeld op de 2 m2 die we hebben en alles bevalt tot nu toe nog erg goed. Hij is in een wip opgeruimd en je kunt zo weer verder rijden. We hebben erg veel plezier van de boiler want de afwas gaat veel beter en ook om jezelf te wassen, is warm water toch wel een pre. Al/met/al, de veranderingen die we hebben bedacht en aangebracht blijken in de praktijk ook nog eens bijzonder handig te zijn.
Enfin, nadat we dus alle vliegen van Narbonne plage de bus hebben uitgejaagd en water geloosd en ingenomen, reden we
net noord van de Pyreneen naar het westen, richting Biarritz, zeg maar. We stopten ´s middags bij McDonalds voor een luch met Wifi. Helaas bleek je er alleen te kunnen surfen en mailen. Cynthia kon daarom niet wat ruimte vrijmaken op de website. Er hing een smal frontje boven zuid Frankrijk en we besoten om hier doorheen te rijden want daarna zou het weer opklaren. We hebben de hele dag door regenbuien gereden. Wel even wat anders natuurlijk, dan we gewend waren. Na een lange rit door voornamelijk agrarisch gebied, stopten we voor de nacht in een klein slaperig dorpje, Rimont geheten. Na de 13e eeuwse abdij die was verbouwd tot hotel te hebben bekeken, en natuurlijkniet te vergeten het gedenkteken van de gesneuvelden, probeerden we wat leven in het dorp te ontdekken en na enig gezoek, kwamen we een oudere man tegen die wist te melden dat vrijwel alles dicht was. Er gebeurde blijkbaar niet zoveel hier, want er kwam zelfs iemand in zijn badjas kijken naar onze bus, die op het dorpsplein stond geparkeerd. We stonden er wel aardig maar besloten toch maar om iets verder te rijden waar misschien wat meer te beleven viel en kwamen aan in St Giron. Dit bleek een goede keus want het was een erg leuk dorp met veel leuke winkeltjes en monumenten. We hebben er inkopen gedaan bij, jawel, de LIDL.
Vrijdag 7 oktober 2011
We hebben de hele dag doorgereden in de hoop de regen kwijt te raken, maar dat bleek helaas ijdele hoop. Het motregende zowat de hele dag en we stopten voor de nacht in Peyrehorade, een stadje aan de Pyrenees Atlantique. Je kon duidelijk merken dat hier wat meer te beleven was en er toeristen kwamen want allengs werden de dorpen vriendelijker, de wegen breder en waren er meer winkeltjes. We hadden de bus in eerste instantie langs de RN geparkeerd bij een camper vulstation maar we waren er niet alleen en er stonden ook een aantal busjes met Polen geparkeerd. Ze zagen er behoorlijk sjofel uit en toen we het dorp een beetje hadden verkend, zagen we een mooiere staanplaats langs de rivier. Daar hebben we de bus toen naartoe gebracht en hebben er heerlijk geslapen.
Zaterdag 8 oktober 2011
Nadat we lekker hadden ontbeten en koffie gedronken, reden we verder naar de kust. We konden de drukte van Biarritz omzeilen en hebben even water getankt in Hendaye. Cynthia had ontdekt dat hier een camperplaats was. En inderdaad, allemaal campers naast een trein stationnetje. Het tanken verliep vlot en we reden verder naar Jean de Luz en de Spaanse grens. Onderweg aan de Franse kust nog even een kiekje genomen. Het was er behoorlijk druk met o.a. ook NL surfers vanwege de hoge golven. Het was er inmiddels droog en hier en daar brak de zon door, lekker. Aanvankelijk dachten we in Spanje de secundaire weg te nemen maar daar was natuurlijk geen beginnen aan en we reden toen maar de snelweg op langs Bilbao en Santander naar Santillana del Mar, onze bestemming voor vandaag. Hier bevindt zich de grot van Altamira en we wilden daar eens een kijkje nemen. Santilla was een alleraardigst, volledig gerestaureerd Spaans
dorp, het stierf er van de Spaanse bezoekers en busladingen met toeristen. Niet vanwege de grotten, want deze bevonden zich een aantal kilometers verderop, maar voor het dorp zelf. En daar was ook wel alle aanleiding toe. Er waren zeker 8 musea, varierend van Spaanse martelwerktuigen van de Inquisitie tot werken van Jesus Otero en alles daar tussen in. In het overige gedeelte van Santillana hadden ze zowat alle toeristische prullaria van heel Spanje naartoe gehaald en uitgestald in de talloze winkeltjes. Je kon er natuurlijk ook lekker eten in een van de talloze restaurants of hotels. Het dorpje, wat op de bedevaart route naar Santiago de Compostella heeft gelegen,was toch wel heel fotogeniek en we hebben er veel foto’s genomen. We vonden een mooie plaats in het dorp om te overnachten en hebben er vrij geparkeerd.
Zondag 9 oktober 2011
Het weer werd steeds beter en al gauw zaten we in de stralende zon met zo’n 28 graden. Vandaag reden we naar het Altamira museum enkele kilometers verderop, waar rotstekeningen van prehistorische mensen waren te zien. We kregen vrije entreekaartjes en gingen het fraaie museum in. Dit gedeelte van Cantabria werd zo’n 40.000 jaar geleden voor het eerst bezocht door Homo Sapiens, wij dus. Ze leefden in kleine groepjes van de jacht en visserij. Hoewel door heel Europa tekeningen zijn gevonden, zijn die van Zuid Frankrijk en Altamira toch wel de bekendste. Omdat de tekeningen door de vele bezoekers in de jaren 60 van de vorige eeuw snel achteruit gingen is de daadwerkelijke grot gesloten voor bezoekers. Er worden in de grot slechts ca. 8000 mensen toegelaten op jaarbasis. De grot van Altamira is bewoond geweest in 2 perioden in het verleden; de eerste ca. 18.000 jaar geleden, toen een tijdlang niet en daarna nog eens ca. 14.000 jaar geleden. In beide perioden zijn er rotstekeningen van bizons, herten, leeuwen en buffels gekrast en beschilderd met houtskool en oker. Door een aardverschuiving werd toen de ingang van de grot afgedekt en pas weer door de mens betreden in 1868. Nu is er 300 meter naast de grot in het museum een vrijwel volledige reconstructie van de grot en de tekeningen te zien, tot op de milimeter nauwkeurig en levensecht. Een fraai gezicht, alle tekeningen waren overigens op het plafond van de grot aangebracht. Naast de grot, waren er permanente exopsities te zien van werktuigen en de levenswijze van de mensen uit die tijd.
We vervolgden onze reis langs de kust en gebruikten de lunch in San Vicente, een heel mooi vissersdorpje aan de kust.
Alles wat we tot nu toe in Spanje hebben gezien, staat in schril contrast met Frankrijk. Het is er opgeruimd en netjes, de huizen zien er allemaal goed onderhouden uit, de wegen zijn erg goed begaanbaar, de mensen zijn goed- en modern gekleed. Je ziet er vrijwel geen zwervers. Al met al een heel mooi gebied. Na de lunch reden we verder naar de Picos de Europa, een grillig berg gebied en een mooie route voor de auto erdoor heen. In het plaatsje Potes stopten we op een camping voor de nacht en ook om alles weer bij en op te laden. In de loop van een paar dagen was de huishouaccu namelijk wat zwakker geworden en begon de inverter te piepen dat hij te weinig stroom kreeg. De camping La Viorna was goedkoop en super van kwaliteit.
Maandag 10 oktober 2011
We rijden rond het middaguur van de camping weg en vervolgden onze route door de Picos. Een van de mooiste routes, zegt men, van Europa. Het terrein werd gekenmerkt door grillige bergtoppen, diepe ravijnen en daartussen, weiden. We kwamen er middeleeuwse dorpjes tegen en de wegen waren inderdaad smal, met veel ‘twisties’ (ideaal voor de motor trouwens) en een ca. 20 km lange, zeer diepe kloof waar men dwars doorheen reed.
Prachtig gezicht en we hebben echt genoten van deze route. Vooral ook omdat er geen wolk was te bekennen en de temperatuur achterin de 20 graden bedroeg.Toen we in Cangas de Onis aankwamen, stopten we voor de nacht bij een camperplaats. In Cangas hebben we nog over de Romeinse brug gelopen waaraan het kruis van Delayo hing. Deze Spaanse koning versloeg voor het eerst in 724 AD een, numeriek veel streker Moors leger dankzij de hulp van Maria. Uit dank liet hij een cathedraal bouwen en hing het kruis onder de brug. Vanaf dit moment begon de ‘reconquista’.
Dinsdag 11 oktober 2011.
We hebben lekker geslapen in Cangas en toen we wakker werden, zaten we midden in de dikke mist. Je kon geen hand voor ogen zien. Gelukkig klaarde deze snel op en we reden verder naar de kust van Ribadeo, zo’n 300 km verderop naar het westen. De kust hier was van leisteeen en de zee had hier verschillende mooie, en grillige inhammen en zuilen in geslepen. We stonden in ‘Campo Christo’bij Rinlo o0mdat het er niet druk was ( we waren de enigen). De andere uitkijk-, en staanplaatsen hebben we uiteraard ook bekeken. Hier stonden meer campers en het was er drukker. Een van de mooiere plaatsen daar van de kust bestond uit, wat men ‘cathedralen’ noemde, losse, uistekende rotsformaties van gelaagd leisteen die uit de zee staken. We hebben echt genoten van onze staanplaats vlak bij de zee.
Woensdag 12 oktober 2011.
Het was weer mistig ‘s morgens en we reden door naar Fisterra, het westelijkste puntje van Spanje. Onderweg kwamen we veel bordjues met ‘Camino de Santiago’ tegen en ook een aantal bedevaartgangers te voet. Fisterra werd door de Romeinen Fines Terra genoemd; zij dachten dat hier de wereld ophield toen zij de zon in de oceaan zagen ondergaan (dat was natuurlijk de rand). Het was er smoorheet en nadat we de vuurtoren hadden bekeken, vonden we een mooie staplaats enkele meters van het grote en lange strand.Domme pech weer.













