Vrijdag 21 oktober 2011
Porto.
Na een heerlijke nachtrust op de camping, met uitzondering van een enkele mug, gingen we op stap naar Porto. Indy bleef bij de bus om op te passen. We namen de bus naar het centrum en stapten uit bij het stadhuis, wat ook het eindpunt was. Daardoor hoefden we alleen nog maar naar beneden te lopen door de oude stadskern, handig dus. Evenals gisteren, toen we dwars door het centrum hebben gereden, was het helemaal niet druk met auto’s en er waren nog wel een aantal toeristen, maar niemand liep elkaar in de weg en de terrasjes waren nauwelijks gevuld. Het was weer een stralende en heldere warme dag en de meeste mensen liepen in korte broek en polo shirt. Rondom het enorme plein voor het stadhuis bevonden zich een aantal kolossale gebouwen die rijk gedecoreerd waren met ornamenten. We liepen verder door wat nauwe straatjes en er reed een tram op een hele steile weg. We kwamen bij een kerk met veel blauw mozaik (de Igeja Santa Clara) en liepen langs het oorlogsmuseum naar de cathedraal.(dos Grilos). Deze was helaas van binnen tijdelijk gesloten; ik denk omdat er wat VIP auto’s voor stonden en de inzittenden ervan een bezoek brachten.Verder Ribeira, de oude stadswijk in en een lekker kopje koffie gedronken op de kade. De ijzeren brug, Ponte de Luis overgestoken naar Vila Nova de Gaia, het centrum van de eeuwenoude porthandel. Dat klopte helemaal; alle portmerken hadden hier, keurig naast elkaar hun ‘caves’ , proeverijen en rondleidingen. Uiteraard was alles georienteerd op het massa toerisme en je kon alleen met guided tours naar binnen. Omdat we een paar uur moesten wachten op een Engelstalige rondleiding zijn we maar bij Croft naar binnen gelopen en hebben een Portugese rondleiding gevolgd. Per slot van rekening weten we wel hoe port wordt gemaakt en we gingen alleen om de kelders en eiken vaten te bezoeken. Die hebben we dan ook in grote getale gezien, tot die van 190.000 liter.
Mooi gezicht hoe die vaten erbij lagen met duizenden tegelijk (de kleintjes dan). Bij Taylors, even verderop, konden we even naar binnen bij de vintage opslag. Daar lagen zo’n 80.000 flessen opgeslagen. We hebben uiteraard ook wat port geproefd maar de prijs- en smaak ervan scheelde niet veel met die in NL. Hoewel, je kon er ook een fles uit 1938 kopen voor 560 Euro. We hebben onze aankopen dan ook beperkt tot een fles Kopke. Na een hele dag in de stad rondgelopen te hebben besloten we weer naar de camping te gaan. Het gaat hier in Portugal waarschijnlijk zondag en maandag regenen dus we moeten een plan trekken voor wat indoor activiteiten.
Zaterdag 22 oktober 2011
We ruimen op ons gemak de bus op en gaan nog even aan de WiFi. Rond het middaguur vertrekken we van de camping en ff naar de supermarkt, inkopen doen voor het weekeinde. We besluiten een eindje langs de Costa Verde te rijden want het ziet ernaar uit dat je hier wel met de camper kunt staan. En inderdaad, na een half uurtje zagen we een aantal Portugese campers staan aan de boulevard in Espinho. We waren er ook welkom en hadden een mooi plaatsje. Espinho is een leuke, moderne stad met een strand en boulevard van enkele kilometers lang. Het was er leuk wandelen en overal winkels en restaurants. Er werd ook nog gesurfd; enkele surfscholen waren nog open. Leuk gezicht zo met die hoge golven mee.We hadden een visje gekocht en die heb ik buiten lekker zitten braden. Het was nog steeds zonnig en warm maar er kwam wel wat bewolking uit het westen aanzetten. Lekker geslapen; onze Portugese buren met campers (het waren er
maakten er een gezellige avond van. Gelukkig gingen ook zij op tijd slapen.
Zondag 23 oktober 2011
We rijden vandaag naar Aveiro, een bezienswaardig vissersdorpje. Er is een rommel/antiek markt en er heerst een vrolijke drukte. Het dorp ligt aan een rivierdelta en er lopen tal van kanalen doorheen. Natuurlijk kun je hier met een soort gemotoriseerde gondels de kanalen afvaren. De bootjes zijn heel leuk beschilderd en het is een vrolijk gezicht. Het is er, net zoals in Espinho, allemaal wat breder en moderner opgezet dan noord van Porto. Leuk om wat rond te wandelen en winkels te bekijken. De vele palmbomen die er staan zijn allemaal aangekleed met kleurige doeken om de stam. Al met al een soort Volendam van Portugal,, althans waar de toeristen komen want Aveiro is naast een belangrijke vissershaven ook de op twee na grootste industriestad van Portugal met scheepsbouw, keramiek en ijzer en staalproductie.Verder wordt er kunstmest gemaakt van zeewier. Verder naar Coimbra, de universiteits stad van Portugal. Onderweg kwamen we ontzettend veel restaurants tegen, die allemaal met een speenvarken reclame maakten. Er stond in het Engels Pig Parade op. Zeker een regionale traditie. Het was er in ieder geval opvallend druk met bezoekers, bussen vol. We arriveren in Coimbra en vinden er een mooie camper staanplaats in het sportpark naast de roeivereniging aan de rivier. Coimbra is 750 meter lopen.
Maandag 24 oktober 2011
We gaan Coimbra bezoeken en dat gaat gepaard met een steile klimpartij want de interessante (universiteits) gebouwen en bibliotheek liggen 700 meter hoger. We hebben een paraplu gekocht want het is afgelopen met het mooie, hete weer. ‘s Nachts regent het flink en overdag wisselen zon en buien elkaar af. De temperatuur is nog wel aangenaam, zo’n 23 graden. Nadat we het universiteitscomplex hadden bezocht zijn we door de oude stad naar beneden gelopen. In de oude stad kronkelen de straatjes van boven naar beneden en allemaal nauw en steil. Het leek net op een bazaar, maar dan niet overdekt. Coimbra is echt een hele leuke, gezellige stad met veel studenten natuurlijk. Daardoor ademt de stad een hele andere, jongere en actieve sfeer uit. Leuk om mee te maken. Na deze, enigzins vermoeiende trip besluiten we boodschappen te doen en kopen een aantal Port flessen in van een merk dat we nog niet hadden geproefd. ‘s Avonds besloten we een proef avond te maken en dat lukte aanvankelijk uistekend. Al snel hadden we een paar lekkere port wijnen ontdekt. Het bleef echter niet bij een enkel glaasje en een liter port verder, hebben we geslapen als een baby.

Dinsdag 25 oktober 2011
We hebben besloten welke port we mee naar huis nemen en kopen deze in. En hopen dat die port dan ook Nederland haalt. We gaan naar Tomar, zo’n 65 km verder naar het zuiden. In deze streek staan overal olijfbomen en het is oogst en snoei tijd. Het is een leuke weg van Coimbra naar Tomar, vol met dorpjes en een ouderwetse sfeer. Hier is niet veel veranderd de afgelopen 25 jaar. In Tomar aangekomen, rijden we naar de Convento de Christo, een Tempeliers klooster.
We vergapen ons aan een enorm complex van verschillende gebouwen, versierd met veel ‘Manueelse’ ornamenten. Het verhaal wil, dat de Tempeliers zittend op hun paard, er de kerk binnen konden rijden bij ceremoniele gelegenheden. Ook Philips de tweede heeft er, tijdens zijn bewind over Portugal, zijn ‘Cortes’ gehouden, een vergadering met geestelijken, edelen en volksvertegenwoordigers. Het aardige is, dat het kloostercomplex, na restauratie weliswaar, geheel intact is te zien. Van slaapcellen tot kerk en keuken tot , graftombes en ondergronds waterbassin en een 4 km lang aquaduct. Zo krijg je een goed beeld van hoe de Tempeliers, die hier later zijn overgegaan in de orde van Christus, vanaf de 14e eeuw hebben geleefd. We brengen er een paar uur door, het is er erg fotogeniek en vooral de kerk is erg fraai beschilderd en betegeld met veel goudgeschilderde ornamenten en fraaie schilderijen en rijden dan door naar Fatima. Hier zijn de beste camper staan plaatsen van Portugal hebben we gelezen en inderdaad, dat klopt. We staan op een soort verharde campingplaats en er is praktisch niets waar het ons aan ontbreekt en dat nog geen 100 meter van de kerk, notabene.
Woensdag 26 oktober 2011

Het weer speelt ons vandaag parten. Vanaf maandag werd het regenachtig met buien en dat zou binnen een paar dagen zijn verdwenen. Het heeft echter weer gegoten en dat doet het nog steeds. Nu niet een buitje hier en daar maar continu. Mooi om de kerk van Fatima eens te bekijken. Een vrij eenvoudige kerk met een kolossaal plein ervoor. Hier heeft Paus JP in 2000 een mis opgedragen; ik schat dat er wel een paar 100.000 mensen op het plein konden staan. Er werden natuurlijk ook veel kaarsjes gebrand door bezoekers en in de kerk lagen de grafstenen van het meisje en jongetje dat Maria hadden gezien. Het andere meisje leeft nog steeds; ze moet inmiddels over de 100 jaar zijn. Door de regen zijn we weer snel naar de bus gegaan en zijn verder gereden naar Batalha en Alcobaca om enkele kloosters en kerken te bekijken. We zijn er niet naar binnen geweest want het was wel mooi geweest zo met die kerken in Portugal.

Aan het strand van Nazare hebben we lekker gelunched een hier brak de lucht enigszins open. Nazare is niet erg camper vriendelijk, in Sao Marinho do Porto is het beter geregeld. Een compleet nieuwbouwstadje aan een binnenmeer van de zee. Prachtig sikkelvormig strand met duinen en grote parkeer plaatsen, we zagen er wat campers staan dus die van ons erbij gezet. Helaas regende het weer pijpestelen, dus hebben we ons in de bus vermaakt.
Donderdag 27 oktober 2011
Na een ongestoorde zeer winderige nacht in Sao Marinho, waar dinosaurus sporen zijn gevonden, reden we door naar Obidos. Dit is een mooi dorp dat geheel binnen de oude stadsmuren ligt. Er zijn allemaal leuke winkeltjes en het doet
er erg relaxed aan. Prachtige plaatjes kunnen schieten van oude straatjes en huizen. De onderkant en zijkanten van de meeste gebouwen waren met een blauwe of gele bies geverfd, wat een heel leuk en fris gezicht was. Er liep ook een kilometers lange aquaduct naar het dorp. In de zomer werd er veel georganiseerd en men was druk bezig om houten gebouwen af te breken die hadden gediend als entourage voor ridder spelen en een middeleeuwse markt. Obidos is ook beroemd om zijn kersenlikeur, lekker was die. We hielden het net droog gedurende ons bezoek en toen we weer bij de bus kwamen begon het weer te regenen. Onze volgende bestemming was Peniche. Dit was vroeger een eiland wat in de loop der tijd door het aanspoelen van zand, een schiereiland is geworden. De westkust bestond uit hoge rotsen, die door erosie een heel grillig uiterlijk hadden gekregen. Er zaten overal barsten en kloven in de rotskust. Ik schat dat het windkracht 9 was toen we langs de kustweg reden en af en toe spoelde er nog een metershoge golf over de bus. Het zeewater beukte gewoon omhoog. We waren van plan om bij een vuurtoren te gaan staan maar zagen daar, vanwege de wind en ruwe zee bij nader inzien toch vanaf. We reden een eindje verder naar de lijzijde van Peniche en kwamen in het dorpje zelf aan, wat redelijk beschut lag. Bovendien stond er een enorm fort uit de vroege middeleeuwen als bescherming van de haven tegen indringers uit zee. Toen we er een bezoek brachten,
bleek in dit fort ten tijde van Salazar als gevangenis te hebben gediend en dit was nog heel goed te zien. Er was ook nog een museum maar dat hebben we geskipt. Peniche is een leuke vissershaven met tal van oude straatjes en restaurants. Omdat we vlak naast het fort op een parkeerplaats stonden, hebben we in de luwte verder weinig last meer van de wind gehad. Gelukkig geen regen meer, want de paraplu hangt waarschijnlijk nu nog bij Pingo Doce, een supermarkt.
Vrijdag 28 oktober 2011
De zon is weer tevoorschijn gekomen en het is weer een prachtige dag. Onze weg naar Lissabon vervolgd met een tussenstop bij een autowasserij want de bus zag er niet uit door al dat zoute water en we weten ook niet of we zoetwater jachtlak of zoutwater jachtlak hebben op de bus. De kust van Peniche naar Lissabon is werkelijk prachtig om te zien. Hoge
rotsformaties die zo af en toe worden onderbroken door een heel mooi strandje. Er was bovendien aardig wat branding en men was nog druk bezig met surfen. Naarmate Lissabon dichterbij komt, worden de huizen steeds mooier en luxueuzer met aangelegde tuinen waar palmbomen, bougenville, aloe’s welig tieren. Een hele mooie rit, om kort te gaan en alles ziet er natuurlijk fraai iut als de zon schijnt, er geen wolkje is te zien en het is dik in de 20 graden. We hebben natuurlijk nog even lekker gelunched op zo’n fraai uitkijkpunt. Rond een uur of 4 kwamen we bij Paul en Janny aan in Cascais. We werden er hartelijk ontvangen en ze woonden in een zeer fraai, gunstig gelegen appartement met uitzicht op de zee. We hebben bijgepraat en heerlijke tapas gegeten, gevolgd door een Portugese maaltijd met een lokale wijn en daarna nog veel meer drankjes en portugese toetjes. We vonden het erg gezellig en hebben genoten van de gastvrijheid. Dank jullie wel.

De volgende morgen namen we, na een uitgebreid ontbijt en lekkere douche, afscheid en reden we door naar de camping midden in Lissabon.
Zaterdag 29 oktober 2011
Het is een heel luxe, 4 sterren camping, met een eigen picnick tafel, water, afvoer en vuilnisbak voor ons alleen. We besteden de rest van de dag om ons te orienteren en plannen te smeden voor de komende dagen, wat boodschappen te doen en enkele kleine reparaties aan de bus te plegen. De touwtjes van de verduistering/hor van het keukenraam zijn los geschoten. Een heel gepuzzel hoe die touwtje lopen, gelukkig komen we eruit.
